Voetklachten zijn in de industrie geen uitzondering. Wie acht uur per dag staat of stapt op een betonvloer, krijgt vroeg of laat last van zijn voeten, knieën of rug. Een steunzool van de podoloog of orthopedist is dan de logische oplossing. Het probleem: in een veiligheidsschoen is die logische oplossing zelden een conforme.
Een veiligheidsschoen is gecertificeerd als geheel
Een veiligheidsschoen volgens EN ISO 20345 is een PBM van categorie II. Voor ze op de markt komt, test een aangemelde instantie het model en levert ze een EU-typeonderzoekscertificaat af. Dat certificaat geldt voor de schoen zoals hij getest werd: met de originele binnenzool die de fabrikant erin stak.
De binnenzool is geen detail. Ze speelt mee in verschillende eisen van de norm:
- Ruimte onder de veiligheidsneus. Een dikkere steunzool tilt de voet op. De tenen komen dichter bij de stalen of composiet neus te zitten, en bij een klap blijft er minder ruimte over.
- Schokdemping in de hiel. De energieabsorptie van de hiel wordt getest met de originele opbouw. Een andere zool verandert die demping.
- Antistatische of ESD-eigenschappen. Bij antistatische en ESD-schoenen maakt de binnenzool deel uit van de geleidende weg van voet naar vloer. Een isolerende steunzool kan die weg onderbreken, zonder dat iemand het ziet.
- Pasvorm en grip in de schoen. Een voet die hoger zit, schuift makkelijker in de schoen en wordt anders ondersteund door de hielkap.
Wie de originele binnenzool vervangt door een niet-geteste steunzool, draagt dus een schoen waarvan niemand meer kan aantonen dat hij aan de norm voldoet.
Wat de Codex van u als werkgever vraagt
De Codex over het welzijn op het werk (boek IX, titel 2) legt twee verplichtingen op die hier tegelijk spelen:
- Artikel IX.2-8: u mag uitsluitend PBM ter beschikking stellen die qua ontwerp en constructie voldoen aan de Europese productregels voor PBM. Een schoen die door een eigen steunzool niet meer overeenkomt met zijn certificaat, voldoet daar niet meer aan.
- Artikel IX.2-9: elk PBM moet afgestemd zijn op de vereisten met betrekking tot de ergonomie, het comfort en de gezondheid van de werknemer, en na afstelling geschikt zijn voor de drager.
Een medewerker met een voetprobleem een standaardschoen geven, voldoet niet aan artikel IX.2-9. Hem zelf een steunzool laten insteken, voldoet niet aan artikel IX.2-8. Alleen een orthopedische oplossing die samen met de schoen gecertificeerd is, voldoet aan beide.
Daarnaast blijft de basisregel van artikel IX.2-3 gelden: PBM worden ter beschikking gesteld zonder kosten voor de werknemer. Een orthopedische veiligheidsschoen die nodig is om de medewerker veilig te laten werken, is een PBM.
De Belgische route bij voetklachten
Febelsafe, de Belgische federatie van PBM-fabrikanten, -verdelers en -gebruikers, beschrijft samen met de beroepsverenigingen van podologen en orthopedisch technologen hoe het in de praktijk hoort te lopen:
- De werkgever verwijst door naar de arbeidsarts. Een medewerker met voetklachten lost dat niet zelf op met een zool uit zijn privéschoenen.
- De arbeidsarts verwijst zo nodig door naar een podoloog of orthopedisch technoloog.
- Die maakt de aangepaste zool voor één welbepaald schoenmodel, volgens het protocol van de schoenfabrikant. Werkt hij niet volgens dat protocol, dan wordt hij zelf de fabrikant van de aangepaste schoen, met alle verplichtingen van dien.
- De zool blijft bij die schoen. Kiest het bedrijf een ander merk of model, dan moet er een nieuwe zool gemaakt worden.
Alleen de wijzigingen die de fabrikant voorziet in zijn technisch dossier en vermeldt in de gebruiksaanwijzing, zijn toegelaten. Elke andere wijziging maakt van de schoen geen PBM meer.
Wie betaalt? Volgens Febelsafe bestaat er geen terugbetaling voor orthopedische of podologische zolen en aanpassingen aan veiligheidsschoenen. De werkgever draagt de volledige kost. Voor volledig op maat gemaakte orthopedische veiligheidsschoenen is een terugbetaling soms mogelijk, na een aanvraagprocedure en een beoordeling door een multidisciplinair team.
Wat er gebeurt als het misgaat
Bij een voetletsel kijkt een ongevalsonderzoek naar de PBM die de medewerker droeg. Blijkt de schoen aangepast met een niet-gecertificeerde steunzool, dan droeg de medewerker op het moment van het ongeval geen conform PBM. Dat kan vragen oproepen bij de inspectie en bij de verzekeraar, ook als de steunzool niets met het ongeval te maken had.
Voor de Europese productregels is het principe duidelijk: wie een PBM zo wijzigt dat de conformiteit in het gedrang kan komen, neemt de verantwoordelijkheid van de fabrikant over (Verordening (EU) 2016/425, overweging 19 en artikel 12). Een distributeur of schoenmaker die zonder certificaat steunzolen inbouwt, staat dus zelf in voor een conformiteit die hij niet kan aantonen.
De conforme oplossingen
Fabrikanten van veiligheidsschoenen lossen dit op door orthopedische aanpassingen samen met de schoen te laten testen. In Duitsland is dat geregeld in de regel DGUV 112-191, die drie soorten oplossingen onderscheidt. Belgische regelgeving kent geen eigen variant, maar de grote fabrikanten passen dezelfde certificatie toe op hun modellen voor heel Europa.
| Oplossing | Wat het is | Voor wie |
|---|---|---|
| 1. Gecertificeerde steunzool | Een steunzool die samen met een bepaald schoenmodel getest en goedgekeurd is. Generiek of op maat gemaakt door een orthopedisch technicus volgens de instructies van de fabrikant. | De meeste voetklachten: platvoeten, holvoeten, hielspoor, overbelasting |
| 2. Aangepaste serieschoen | Een standaard veiligheidsschoen met een goedgekeurde aanpassing, zoals een zoolverhoging bij een beenlengteverschil of een afwikkelhulp. | Beenlengteverschil, beperkte beweeglijkheid van de voet |
| 3. Veiligheidsschoen op maat | Een volledig op maat gemaakte orthopedische veiligheidsschoen met eigen certificatie. | Ernstige voetafwijkingen waarvoor geen serieschoen past |
Belangrijk: de goedkeuring geldt per schoenmodel. Een steunzool die goedgekeurd is voor model A van een fabrikant, is dat niet automatisch voor model B, en zeker niet voor een schoen van een ander merk.
Wat u aan uw leverancier vraagt
- Welke modellen in uw gamma zijn goedgekeurd voor orthopedische aanpassingen? Vraag de lijst, niet een algemene bevestiging.
- Welke steunzolen zijn goedgekeurd voor die modellen? Generieke en op maat gemaakte.
- Wie mag de steunzool op maat maken? Een podoloog of orthopedisch technoloog die het protocol van de fabrikant volgt. Vraag welke partners in uw regio dat doen.
- Welk document krijgt u erbij? Zonder schriftelijk bewijs dat de combinatie schoen en steunzool goedgekeurd is, kunt u de conformiteit niet aantonen.
- Wat bij een beenlengteverschil of een ernstige afwijking? Kan de leverancier een aangepaste serieschoen of een schoen op maat leveren?
Waarom Protegara hier streng in is
Wij werken alleen samen met fabrikanten van veiligheidsschoenen die ook gecertificeerde orthopedische oplossingen kunnen leveren. Een leverancier die dat niet kan, valt voor ons af, hoe scherp zijn prijs ook is. De reden is eenvoudig: elk bedrijf heeft medewerkers met voetklachten. Als de leverancier geen conforme oplossing heeft, steekt die medewerker vroeg of laat zijn eigen steunzool in de schoen, en is uw schoenenbeleid op dat punt niet meer conform.
Bij elke klant met veiligheidsschoenen vragen we daarom of er medewerkers zijn die steunzolen dragen of voetklachten hebben, en we zorgen dat zij een conforme oplossing krijgen.
Checklist voor uw schoenenbeleid
- Weet u welke medewerkers steunzolen dragen in hun veiligheidsschoenen?
- Zijn die steunzolen goedgekeurd voor het schoenmodel dat ze dragen?
- Staat in uw PBM-instructies dat medewerkers de originele binnenzool niet zelf mogen vervangen?
- Kan uw leverancier gecertificeerde steunzolen, aangepaste serieschoenen en schoenen op maat leveren?
- Verwijst u medewerkers met voetklachten door naar de arbeidsarts?
- Betaalt u de orthopedische oplossing als PBM, zonder kosten voor de werknemer (Codex IX.2-3)?
- Laat u nieuwe zolen maken als u van schoenmodel verandert?
Meer over de keuze van de juiste schoenklasse leest u in ons artikel over EN ISO 20345:2022 en de klassen S1, S2 en S3.