Verkeerde handschoen, juiste intentie — een kostbaar verschil
In het eerste kwartaal van 2026 registreerde het EDTC een stijging van 12% in handletsels binnen de Belgische bouwsector. Opvallend: de meeste getroffen werknemers droegen wél handschoenen. De oorzaak ligt niet in het ontbreken van PBM, maar in een specificatieprobleem — de verkeerde beschermingsklasse voor de uitgevoerde taak. Dat onderscheid heeft directe juridische en financiële gevolgen voor elke werkgever die valt onder de Codex Welzijn op het Werk, Boek IX.
Wat EN 388 werkelijk meet — en wat niet
EN 388:2016+A1:2018 is de Europese norm voor handschoenen tegen mechanische risico's. De norm definieert vier testparameters, weergegeven als een viercijferige code op het handschoenetiket:
- A — Slijtvastheid (0–4): weerstand tegen abrasie via schuurpapier
- B — Snijweerstand (Coup-test) (0–5): weerstand tegen een ronddraaiend mes
- C — Scheurweerstand (0–4): kracht nodig om de handschoen te scheuren
- D — Perforatierweerstand (0–4): weerstand tegen een puntig voorwerp
Sinds de 2016-revisie is er een vijfde parameter toegevoegd:
- E — ISO 13997 snijweerstand (TDM-test) (A–F): meet de kracht in Newton nodig om bij een enkele snijbeweging door het materiaal te snijden
- F — Stootweerstand (P = geslaagd)
De Coup-test (B) verzadigt bij hoge snijweerstand — het mes slijt sneller dan het materiaal. Daardoor geeft een score van 5 op de Coup-test geen betrouwbare informatie voor taken met scherpe metaalranden of glasscherven. De TDM-test (E) is in die gevallen de relevante parameter.
EN 388 niveaus versus typische bouwtaken
De tabel hieronder koppelt veelvoorkomende taken in de Belgische bouwsector aan de minimaal aanbevolen EN 388 prestatieklassen. Deze waarden zijn gebaseerd op de risicocategorieën uit EU-verordening 2016/425 en de taakomschrijvingen in Codex Boek IX, titel 2.
| Taak | Primair risico | Min. snijklasse (TDM) | Min. slijtvastheid | Categorie EU 2016/425 |
|---|---|---|---|---|
| Licht assemblagewerk, karton | Abrasie | A | 2 | II |
| Staalconstructie, lichte profielen | Snijden | C | 3 | II |
| Glasverwerking, gevelwerk | Snijden (hoge kracht) | E | 3 | II |
| Sloopwerk, breekhamers | Snijden + perforatie | D | 4 | II/III |
| Werken met draaiende machines | Snijden + intrekrisico | F | 4 | III |
Een handschoen met TDM-klasse A biedt weerstand bij een snijkracht van minder dan 2 Newton. Klasse F vereist meer dan 22 Newton. Het verschil tussen die twee klassen op een sloopsite is het verschil tussen een oppervlakkige snijwond en een peesletsel.
Belgische regelgeving: wat de werkgever verplicht is
Artikel IX.1-5 van de Codex Welzijn op het Werk verplicht de werkgever tot een risicoanalyse vóór de selectie van PBM. Die analyse moet taakspecifiek zijn — niet sitespecifiek. Een algemene omschrijving als "bouwplaats" volstaat niet als juridische grondslag voor de PBM-keuze.
EU-verordening 2016/425 deelt PBM in drie categorieën in op basis van risico-ernst. Handschoenen voor ernstige of onomkeerbare letsels (categorie III) vereisen een typeonderzoek door een aangemelde instantie én een jaarlijkse productiecontrole. Werkgevers die categorie III-handschoenen specificeren zonder de bijbehorende CE-documentatie te controleren, riskeren aansprakelijkheid bij een arbeidsongeval.
De Belgische arbeidsinspectie (TWW) kan bij controle de risicoanalyse, de PBM-selectiemotivatie en de CE-conformiteitsdocumentatie opvragen. Ontbreekt één van deze elementen, dan is een administratieve boete van categorie 2 (tot 800 euro per werknemer) mogelijk, naast de civielrechtelijke aansprakelijkheid.
Vier stappen naar een correcte handschoenspecificatie
-
Inventariseer taken, niet functies. Maak een lijst van alle handmatige handelingen per werkpost — niet per jobomschrijving. Een metselaar die ook glaswol verwerkt, heeft voor die specifieke handeling een andere handschoen nodig dan voor het metselen zelf.
-
Bepaal het dominante risico per taak. Abrasie, snijden, perforatie en stoot zijn afzonderlijke parameters. Identificeer welke parameter het hoogste letselrisico vertegenwoordigt en selecteer op die parameter — niet op de gemiddelde score.
-
Controleer de TDM-score voor snijrisico's. Vraag leveranciers expliciet naar de EN 388 TDM-testresultaten (parameter E). Een handschoen zonder TDM-score is niet getest op realistische snijkrachten en mag niet worden ingezet bij taken met scherpe metaalranden of glasscherven.
-
Verifieer CE-documentatie per categorie. Vraag voor elke handschoen de EU-conformiteitsverklaring op en controleer of het certificaatnummer overeenkomt met de aangemelde instantie die op het etiket staat vermeld. Voor categorie III-handschoenen moet het certificaatnummer een jaarlijkse hernieuwingsdatum bevatten.
Van specificatie naar systeem
De 12% stijging in handletsels wijst op een structureel specificatieprobleem, niet op individueel gedrag. De oplossing is een gestructureerde koppeling tussen taakrisicoanalyse en EN 388 prestatieklassen, gedocumenteerd op een manier die voldoet aan Codex Boek IX en controleerbaar is bij een TWW-inspectie.
Wie wil nagaan of de huidige handschoenspecificaties aansluiten op de werkelijke taakrisicoanalyse, kan daarvoor de Protegara PBM-audit gebruiken als startpunt.